Denkreeksen bij geschiedenis

Thijs Risselada, Rene Kneyber

In ons vorige blog introduceerden we de denkreeks: een serie van opdrachten die minimaal van elkaar verschillen, waarbij leerlingen herhaaldelijk en gericht nadenken en antwoord geven. Denkreeksen kunnen docenten daardoor helpen om snel en effectief misvattingen en denkfouten bij hun leerlingen zichtbaar te maken en aan te pakken. Geheel in de geest van Craig Barton illustreerden we dit aan de hand van een wiskundevoorbeeld; ook verwezen we voor verdere inspiratie naar enkele denkreeksen van andere exacte vakken en talen.

Maar kan je zo’n denkreeks ook inzetten bij maatschappijvakken? Zo ja, levert dat je leerlingen en jou dan ook iets op?

Om kort te gaan: ja en ja.

Maatschappijvakken zoals aardrijkskunde, economie en geschiedenis werken met behoorlijk veel abstracte concepten, zoals erosie, inflatie en totalitarisme. Het leersucces van leerlingen bij deze vakken hangt dan ook voor een aanzienlijk deel af van de mate waarin zij deze concepten begrijpen. Maar dat is vaak lastig. Heel lastig. Gelukkig is dat nou precies het soort situatie waarbij de denkreeks gedijt.

 

Wat Thijs nu nog veel doet…

Een essentieel concept bij het vak geschiedenis is het totalitarisme, dat in de les vaak aan bod komt bij de 20e-eeuwse geschiedenis en meerdere examenonderwerpen (en bij iedere discussie die ook maar enigszins politiek geladen is). Thijs weet uit ervaring dat het voor leerlingen in de bovenbouw van havo en vwo vaak moeilijk is om dit begrip goed te definiëren en gebruiken.[1] Daarom kiest hij voor de volgende aanpak:

  1. Thijs geeft zijn leerlingen een diagnostische meerkeuzevraag over het totalitarisme;
  2. De leerlingen denken na en stemmen middels vingers opsteken voor antwoordoptie 1, 2, 3 of 4;
  3. Thijs laat enkele leerlingen hun keuze toelichten en vraagt iedereen daarna om opnieuw te stemmen, waarna hij het goede antwoord toont;
  4. Hij concludeert dat er nog wat misvattingen bestaan over wat het totalitarisme precies inhoudt;
  5. Hij geeft zijn leerlingen verlengde instructie en een nieuwe opdracht over het totalitarisme.

Thijs heeft zijn leerlingen hiermee gericht aan het denken gezet, zicht gekregen op waar zijn leerlingen staan en een passende vervolgstap genomen. Rechtstreeks uit het formatieve boekje! Bij deze lofzang vallen echter twee kritische noten te plaatsen:

 

1. Beperkt denkwerk

Leerlingen hebben bij Thijs’ aanpak maar beperkt denkwerk hoeven verrichten, want ze hebben bij stap 3 mentaal mee kunnen liften op de toelichtingen van hun medeleerlingen.

 

2. Veel tijd tussen voorbeelden

Leerlingen hebben maar twee voorbeelden van totalitarisme bekeken: één bij de meerkeuzevraag en één bij de vervolgopdracht. Het derde voorbeeld komt op zijn vroegst bij de eerstvolgende les, want Thijs gaat nu eerst door met de rest van zijn (vaak zeer uitvoerige) verhaal.

Om deze twee redenen is het begrip dat leerlingen hebben van het concept totalitarisme wellicht niet zo blijvend aangescherpt als Thijs hoopte.

 

Wat Thijs ook zou kunnen doen…

Thijs laat zijn leerlingen telkens één voorbeeld zien met daarbij de vraag: past dit voorbeeld exclusief bij het totalitarisme? Zijn leerlingen krijgen -in stilte, zonder hulpmiddelen of overleg- denktijd en stemmen dan tegelijkertijd ja (duim omhoog) of nee (duim omlaag).

Voorbeeld Exclusief totalitarisme?
1. De regering vaardigt een wet uit. Nee
2. De regering vaardigt een wet uit die voor het gehele land geldt. Nee
3. De regering vaardigt een wet uit die door de leider is opgesteld. Nee
4. De regering vaardigt een wet uit die alle godsdiensten verbiedt. Ja
5. De regering vaardigt een wet uit die diefstal verbiedt. Nee
6. De regeringsleider heeft invloed op wetten. Nee
7. De regeringsleider heeft beperkte macht. Nee
8. De regeringsleider heeft absolute macht. Nee
9. De regeringsleider bepaalt de staatsideologie. Ja
10. De regeringsleider bepaalt de kledingvoorschriften voor de bevolking. Ja
11. De regeringsleider bepaalt hoeveel salaris ambtenaren krijgen. Nee
12. De regeringsleider bepaalt welke etniciteiten met elkaar mogen trouwen. Ja
13. De regering claimt dat zij namens het volk regeert. Nee
14. De regering claimt dat zij het goddelijk recht heeft om te regeren. Nee
15. De regering claimt dat de staatsideologie de enige juiste is. Ja
16. De regering claimt dat etnische minderheden staatsvijanden zijn. Ja
17. De regering claimt dat burgers zich aan de wet moeten houden. Nee
18. De regering claimt dat burgers zich aan de staatsideologie moeten houden. Ja

Deze denkreeks speelt in op enkele veelvoorkomende misvattingen bij leerlingen, zoals de gedachte dat er exclusief sprake is van totalitarisme bij kenmerken die ook passen bij andere (historische) bestuursvormen, zoals monarchie, absolutisme en democratie. Hierdoor leidt deze serie voorbeelden het denken van de leerlingen stap voor stap naar de realisatie dat niet elk voorbeeld dat bij het totalitarisme kan passen gelijk ook betekent dat er sprake is van totalitarisme.

Het is na een denkreeks als deze aan te raden om zo’n realisatie goed bij leerlingen te laten landen, bijvoorbeeld door hen te laten noteren wat de denkreeks bij hen duidelijk heeft gemaakt. Welke richtlijnen over wanneer er wel of niet sprake is van totalitarisme kunnen ze nu voor zichzelf opstellen? Welke misvattingen zijn bij hen duidelijk geworden?

 

Mogelijke vervolgacties

Hier zou je het natuurlijk bij kunnen laten. Maar afhankelijk van wat je wil bereiken kun je vervolgens ook bepaalde vervolgacties inzetten. Als je de conclusies en realisaties na een denkreeks bijvoorbeeld ook zichtbaar maakt voor jou als docent, bijvoorbeeld door leerlingen deze op een exit-ticket te laten noteren, kun je nog verder op het denken van je leerlingen ingaan. Je kunt hen na een denkreeks echter ook direct een vervolgopdracht over het onderwerp laten maken, in duo’s hun bevindingen laten uitwisselen, een klassikaal gesprek beginnen, enzovoort.

Zo wil Thijs bijvoorbeeld bereiken dat zijn leerlingen bij bronopdrachten een juist begrip van het totalitarisme kunnen hanteren, dus kiest hij ervoor om na afloop van de denkreeks klassikaal de verschillende conclusies door leerlingen te laten bespreken, waarna ze een bronopdracht over totalitarisme in de DDR maken.

 

Kan het uitgebreider?

Wellicht denk je nu: “Oké, fijn als een concept als het totalitarisme voor leerlingen daardoor scherper wordt, maar je moet maar hopen of ze dat bij die uitgebreide bronopdracht ook goed kunnen toepassen.” Gelijk heb je. Leerlingen moeten dan namelijk denkwerk verrichten en de juiste keuzes maken bij veel grotere stukken tekst en afbeeldingen, en daarbij gaat vaak veel fout. Zou je daar met een denkreeks ook op in kunnen spelen?

Om nog een keer kort te gaan: ja. Maar dat vraagt wel om een iets andere aanpak.

Bekijk bijvoorbeeld het deel van de denkreeks hieronder over primaire en secundaire bronnen over de leefwijze van de Romeinen, waarbij leerlingen steeds stemmen met één (primaire bron) of twee vingers (secundaire bron):

 

Vraag 1

bron 1: Een Romeinse vaas uit de 1e eeuw na Christus.

Vraag: Is dit een primaire of secundaire bron?

Antwoord: Primaire bron

Na het stemmen blijft deze bron verkleind op het digibord staan, zodat leerlingen deze kunnen vergelijken met de volgende bron. Dat ziet er dan bijvoorbeeld zo uit:

 

Vraag 2

 

Dit proces herhaal je vervolgens tot de denkreeks compleet is:

 

Vraag 3:

Vraag 4:

Deze vier bronnen verschillen echter wel behoorlijk van elkaar. Waar de denkreeks over totalitarisme nog veel overlap bij de voorbeeldzinnen gebruikte, ligt de inhoudelijke overeenkomst tussen de vier bronnen over de Romeinen veel minder voor de hand. Wordt het verschil tussen primaire en secundaire bronnen zo wel goed duidelijk?

Dat zul je bij een vervolgactiviteit -bijvoorbeeld een zelfstandige opdracht- inderdaad goed in de gaten moeten houden. Sommige leerlingen zullen na de eerste vier bronnen tot het begrip komen dat een primaire bron uit de tijd zelf komt en een secundaire bron niet; anderen hebben daar wellicht meer voorbeelden voor nodig. Maar als de door jou gewenste eindprestatie is dat leerlingen vervolgens beseffen dat niet elke bron uit de tijd zelf ook automatisch een primaire bron is, heb je eerst meer vragen in de denkreeks nodig om het concept verder bij leerlingen aan te scherpen.

 

Voorbeelden van denkreeksen

Dit zijn natuurlijk maar twee geschiedenisvoorbeelden! Om inspiratie op te doen, delen we goede voorbeelden van verschillende vakken via een Padlet, gemaakt door deelnemers in onze trajecten en onze collega’s.

https://padlet.com/renekneyber/voorbeelden-denkreeksen-33ydgtmz1bnrj2mk

We zullen deze pagina regelmatig updaten. Als je zelf een leuke denkreeks hebt die we hierop mogen delen, laat het ons dan weten!

 

Tot slot

Denkreeksen zijn bij uitstek geschikt om bij maatschappijvakken te gebruiken. Ze kunnen je leerlingen helpen om een beter begrip van abstracte concepten te ontwikkelen. In een iets andere vorm kun je ook denkreeksen met uitgebreidere voorbeelden en bronnen inzetten. Een denkreeks kan daardoor veel misvattingen voorkomen, waardoor zowel de (voor)kennis van leerlingen als hun kans op succes bij vervolgopdrachten groter wordt.

 

Noot

  1. Ook historici vinden het overigens lastig om het eens te worden over wat het totalitarisme precies behelst. Voor mijn leerlingen vind ik het voldoende dat ze weten dat het een politiek systeem is waarbij een ideologische dictatuur streeft naar totale controle over haar onderdanen.

 

Authors

  • Thijs Risselada

    Thijs Risselada is docent geschiedenis. Hij wil zijn positieve ervaringen met formatief handelen in de klas delen met andere docenten en scholen. Thijs is daarom ook actief als trainer bij Toetsrevolutie.

  • Rene Kneyber

    René Kneyber is voormalig docent wiskunde, en tegenwoordig trainer, adviseur en bestuurder van Toetsrevolutie. Hij schreef en vertaalde meer dan vijftien boeken, waaronder Toetsrevolutie. Van 2015 tot 2022 was hij kroonlid van de Onderwijsraad. Samen met Valentina Devid en Flemming van de Graaf maakt hij de LLEARN-podcast

Authors

  • Thijs Risselada

    Thijs Risselada is docent geschiedenis. Hij wil zijn positieve ervaringen met formatief handelen in de klas delen met andere docenten en scholen. Thijs is daarom ook actief als trainer bij Toetsrevolutie.

  • Rene Kneyber

    René Kneyber is voormalig docent wiskunde, en tegenwoordig trainer, adviseur en bestuurder van Toetsrevolutie. Hij schreef en vertaalde meer dan vijftien boeken, waaronder Toetsrevolutie. Van 2015 tot 2022 was hij kroonlid van de Onderwijsraad. Samen met Valentina Devid en Flemming van de Graaf maakt hij de LLEARN-podcast

Nieuwe blogs